missionarissen van afrika
missionnaires d’afrique

L A V I G E R I E . be

Dialogen…

Nuntiuncula Nr 684 Januari - Februari 2014
zaterdag 1 maart 2014 door D.F. (Vertaling), Pierre Bastin

Wat een prachtig woord !

Dialoog, dat roept een ontmoeting op, een gewenste verrijking, een openheid van personen die a priori iets van elkaar willen leren. Of nog, groepen die bereid zijn verbredingen te ontvangen, als een wil om verder te gaan met anderen eerder dan op zichzelf opgesloten te blijven. Zou het ergste dat kan gebeuren er niet in bestaan zich af te sluiten op de waarden die de onze zijn, terwijl men blind blijft voor wat er elders gebeurt ?

In onze sector, onderhoudt Guido een zorg voor de dialoog met de islamwereld: zijn regelmatige kronieken doen deugd en onderhouden onze aandacht. Zij zeggen ons dat een dialoog zowel mogelijk als weldadig is.

Zijn tussenkomsten hebben bij mij een zorg opgewekt voor nog een andere dialoog die me even belangrijk lijkt en waarvoor ik gevoeliger ben: deze van een dialoog met degenen die niets meer willen te maken hebben met de godsdienst . Binnen deze bezorgdheid, voel ik me missionaris en ik heb helemaal geen zin mijn eed overboord te werpen.

  1. Het probleem bestaat werkelijk. Tegenwoordig, in het Westen, is de verwijdering van de Kerk en zelfs van elke godsdienst overduidelijk. Regelmatig geven de statistieken aan dat deze beweging nog aangroeit. Zoals een Braziliaan het onderstreepte bij de reis van paus Franciscus in zijn land, “Wij zijn 12 % van de bevolking die zich van de Kerk verwijderen: goddelozen, agnostici, wetenschappers, personen die in botsing zijn gekomen met de officiële Kerk(in de krant ‘La Libre Belgique’, 25/7/13 p. 15).

  2. Missionaris zijn, vandaag en in mijn situatie niet meer te kunnen terugkeren naar Afrika, bestaat er ook in mensen te ontmoeten die ver weg van Jezus Christus en van het Evangelie leven. Een dialoog met die broers die het zonder J-C doen is een me een zorg. Zij zijn altijd maar talrijker. Een dame aan wie ik zei dat meer dan de helft van de bevolking niets meer willen te maken hebben met de Kerk, heeft me geantwoord: “Je overdrijft… maar, inderdaad, mijn kleinkinderen, geen één van de acht wil horen spreken over godsdienst… geen één van de acht, dat is nog meer dan wat je me zei”. Priester Vermeylen, een Brusselse priester, beschrijft de situatie met een geesteigheid: “Terwijl het huis brandt, is oma aan ’t breien !(Citaat uit zijn boek “Le Marche, le Temple et l’Evangile” uitg. Le Cerf).

  3. Is deze dialoog mogelijk ? A priori, zeker. Waarom zou een dialoog met mensen niet mogelijk zijn ? Is het Evangelie niet tot allen gericht ? Lavigerie had een onderneming gelanceerd die in zijn tijd aks onmogelijk werd beschouwd: een ontmoeting in de diepte met de islamwereld. Waarom zou dan een toenadering met de wereld van het ongeloof onmogelijk zijn ?

    Des te meer daar we een stevige basis gemeenschappelijk hebben: de meesten zoeken menselijke waarden te bevorderen. Klaarblijkelijk is een dialoog maar mogelijk als er een gemeenschappelijk terrein is waar men een gemeenschappelijke taal spreekt; dat terrein bestaat, de zorg voor meer menselijkheid in de wereld.

  4. Overigens zijn er stukjes dialoog die ons onmiddellijk ter beschikking staan. Er zijn omstandigheden waar we elkaar samen vinden, gelovigen en degenen die op afstand staan van onze overtuigingen: dat zijn bijvoorbeeld de huwelijken en de begrafenissen.

    In dergelijke omstandigheden, worden we vergaderd in de gehechtheid aan personen die ons dierbaar zijn. Het is mogelijk daar een taal te gebruiken die de mening van de anderen respecteert en die vermijdt aan mensen minder waarde te hechten die niet denken zoals wij. Bijvoorbeeld bij de begrafenis van onze confraters, vraag ik me af in welke mate men rekening houdt met de aanwezigheid van ongelovigen bij deze viering. Onder de neven, kozijns en vrienden, zijn er in de meeste gevallen personen die zich tamelijk ver weg situeren van de traditionele posities. Ik voel me daar ongemakkelijk als ik aanvoel dat men geen rekening heeft gehouden met deze situaties.

  5. Ben ik daarin trouw aan Afrika ? Ik denk er zeer gehecht aan te blijven. Ik voel inderdaad en ik merk dat er zich in de Afrikaanse wereld een strekking groeit van verwijdering van het christendom in het algemeen en van de Kerken in het bijzonder. Meer en meer Afrikanen gaan vooruit in wetenschappelijke studies waar het traditionele taalgebruik van de Kerken overkomt als ouderwets, voorbijgestreefd, zelfs vreemd aan de nieuwe cultuur. De gebruikelijke religieuze taal komt er steeds moeilijker over. En van onze kant, zie ik geen ernstige bezorgdheid rekening te houden met die verwijdering die zal blijven groter worden. Eén keer, in ‘Petit Echo’ heb ik in een schrijven van Vic Missiaen de bezorgdheid gelezen om nabij te zijn voor de zakenwereld en de vrije beroepen (in dit geval, advocaten, denk ik) in Tanzania. Het is evident, dat Afrika een beweging van verwijdering niet zal vermijden die tamelijk universeel geworden is.

  6. En wij, Missionarissen van Afrika ? Beschikken we over de nodige middelen om deze dialoog aan te vatten ? Ongetwijfeld. We krijgen daar veel kansen voor. Buiten de directieven van de toekomstige kapittels, beschikken we over publicaties zoals ‘Petit Echo’ die weerklank zouden kunnen bieden aan dialogen, of brokstukken van toenadering met de verwijderden van de Kerk. Kronieken die het hebben over pogingen kunnen vermeld worden. En vooral, “de voortgezette vorming” waaraan de Sociëteit heel wat energie besteedt. Laten we de Bijbel leren lezen in overeenstemming met onze tijdgenoten, leren we liturgieën of vieringen houden in overeenstemming met hen en laten we, bij gelegenheid, met elkaar communiceren wat er bij ons of elders gedaan wordt, enz. Als we dat helemaal niet doen, dan blijven we aan de zijlijn staan van de beweging van de actuele samenleving en dan lopen we het risico in Afrika weldra een aanzienlijke verwijdering te moeten vaststellen.



Heeft paus Franciscus aan de algemene oversten niet aanbevolen naar de periferie te gaan (TV op Kerstdag) ?… Hij heeft het sterk verlangen de dag van vandaag te vervoegen. Laten we hem niet helemaal alleen laten en stappen we in zijn voetspoor.

Pierre Bastin, M.Afr.
 

Homepagina | Contact | Overzicht van de site | | Statistieken van de site | Bezoekers : 129 / 600453

De activiteit van de site opvolgen nl  De activiteit van de site opvolgen Getuigenissen - Gebeurtenissen   ?    |    titre sites syndiques OPML   ?

Site gebouwd met SPIP 3.0.21 + AHUNTSIC

Creative Commons License