missionarissen van afrika
missionnaires d’afrique

L A V I G E R I E . be

Pater Paul De Buck

vrijdag 18 juli 2014 door J.V.
  Dinsdagmorgen, 15 juli 2014, omstreeks acht uur, is onze confrater
 
Paul De Buck


rustig ingeslapen.

Hij verbleef nog in het AZ Sint-Monica en zou die dag vertrekken naar de palliatieve dienst Sint-Augustinus. Zijn engelbewaarder – zo noemde hij haar – van de laatste jaren, Mevrouw Hilda Verstrepen, was bij hem.

Paul werd geboren te Schoten op 10 februari 1928 in een welstellende en zeer christelijke familie. Vader werkte ’aan de Natie’ (haven van Antwerpen). Paul zelf was bij de Chiro („voorbeeldige, geestdriftige Chiroleider” getuigde zijn aalmoezenier) en diende elke dag de mis bij de Zusters Franciscanessen in de Lange Congostraat waar hij woonde. Hij deed zijn humaniorastudies bij de Jezuïeten in het St-Xaveriuscollege te Borgerhout.

In september 1947 treed Paul binnen bij de Witte Paters te Boechout. Na het noviciaat te Varsenare vertrekt Paul naar Noord-Afrika. Hij doet zijn theologie in Thibar (Tunesië), waar hij zijn missionariseed aflegt op 26 juni 1953. Hij wordt priestergewijd door Mgr. Durrieu te Carthago op 18 april 1954. In juni 1954, enkele dagen voor de afreis van de Belgische neofieten, schrijft Paul een laatste brief aan de Provinciaal van België, pater Mosmans: „Dit briefje komt uit een koortsig midden. Koortsig Tunesië met moordende fellaga’s en andere nationalistische reacties. De toestand is gespannen op het ogenblik. De houding van de Franse colons vergemakkelijkt de oplossing niet.

Zijn professoren beschrijven Paul als een vriendelijk en zeer sociaal man, gevoelig en edelmoedig, een geboren animator, mededeelzaam en zelfs een tikkeltje praatziek; praktisch ingesteld, een man van actie, niet erg speculatief, goede organisator. Zij vermelden ook dat Paul vlug moe is, omdat hij lijdt aan sinusitis en vooral aan astma.

Benoemd in het toenmalige Opper-Volta, vertrekt Paul op 22 april 1955 vanuit Marseille. Op 12 mei bereikt hij zijn bestemming: Tamnaore, in het bisdom Koudougou. Hij is er onderpastoor en econoom. Hij heeft zich met veel toewijding aan de studie van de taal gezet en trekt goed zijn plan, noteert de regionaal. Twee jaar later wordt hij in Koudougou zelf benoemd, onderpastoor en econoom op de parochie van de kathedraal. Na zijn verlof in België vinden wij Paul terug in de parochie Yako, eerst als onderpastoor en econoom en vanaf mei 1965 als pastoor. In april 1966 vertrekt hij op verlof, zonder te weten dat hij niet meer terug zal komen.

In mei-juni 1966 volgt Paul de dertigdaagse retraite te Rome. De toestand van zijn familie, vader die aan een hartziekte lijdt en zijn gehuwde broer die een zware zenuwinzinking heeft, eist zijn aanwezigheid op. Anderzijds heeft de Belgische provincie dringend een ’quêteur’ nodig voor Antwerpen en omgeving. Pater Plessers, provinciaal, heeft dan ook aan de Regionaal van Oost-Opper-Volta, pater Grimault, gevraagd Paul voor enkele jaren aan de Provincie af te staan. Paul wordt in de Keizerstraat benoemd. Pater Plessers schrijft over Paul in december 1966: „Zeer actief, toegewijd, houdt van dit werk - zelfs al vindt hij het zwaar - ’omdat het noodzakelijk is voor de Provincie en voor de missies’. Doet het zeer goed. Zoekt nieuwe adressen…Excellent!

In 1970 doet men beroep op Paul om een tweede huis in Antwerpen te zoeken. Na een veertigtal huizen te hebben bezocht, valt zijn keus op een huis in de Cogels-Osylei, waar ’de kleine rest’ van Boechout zich zal vestigen, aangevuld met enkele confraters uit de Keizerstraat. Paul neemt alle aanpassingen aan het huis op zich en is aldus, zo schrijft Lucien Van Wielendaele, provinciaal, de feitelijke stichter van dit nieuwe huis en van deze nieuwe gemeenschap. Hij wordt er trouwens de eerste overste. Hij laat dan wel zijn werk als ’quêteur’ zo goed als achterwege… De toestand van zijn broer laat een terugkeer naar Afrika nog niet toe.

In 1975 wordt Paul lid van de ’diocesane missiepastoraal en -animatie van het bisdom Antwerpen. Ondertussen blijft hij pastoraal geëngageerd tijdens de weekends, begeleidt hij een gezinsgroep en zet zich in voor Ziekenzorg bij Lourdesbedevaarten en ziekenvakanties. Van september 1979 tot juni 1980 volgt hij de cursus missiologie te Nijmegen. Hij had die onderbreking ook nodig, schrijft hij zelf, om weer klaar te zien in zijn priesterroeping. „Het is vooral deze doelstelling: ’een meer doordacht en geëngageerd apostolaat’ dat me hier gedragen en gesterkt heeft. Het gaf me een nieuw geloof in mezelf en in m’n toekomst. Het was m’n sterkste hefboom…” (brief aan de provinciaal, Fons Heymans). Ondertussen is hij vervangen als verantwoordelijke van de gemeenschap van Berchem. Begin 1980 komt er een voorstel van het Generalaat om Paul te benoemen als econoom van het IPEA (Institut Pontifical d’Etudes Arabes, het latere PISAI), maar Paul verkiest daar niet op in te gaan. Hij aanvaardt deel uit te maken van de WP-parochieploeg van de H.Hartparochie, waar hij weldra pastoor wordt benoemd. Geen wonder dus dat de provinciaal zelf, Jan Lenssen, niet ingaat op een poging van de regionaal van Burkina Faso, begin 1986, om Paul terug te laten komen… Zijn astma zou trouwens elke terugkeer onmogelijk maken.

De H.Hartparochie is op dat ogenblik de enige die de Provincie contractueel aanvaard heeft. De confraters willen er echt missionaire accenten leggen. Paul wordt weldra de specialist van de Pauselijke Missiewerken (PMW) op parochiaal vlak. Werkgroepen en jeugdbewegingen worden door Paul en zijn confraters missionair bezield. Zij zijn ook zeer begaan met de talrijke vreemdelingen in hun parochie.

Op 1 september 2000 wordt Paul officieel pensioengerechtigd. Hij aanvaardt dan een benoeming als ’pastoraal ziekenhuiswerker’ in het Ziekenhuis Monica te Deurne. Hij installeert zich in een hem daartoe aangeboden flat in de nabijheid van zijn nieuw werkmilieu. Iedereen, de zieken zowel als het personeel, apprecieert die joviale, altijd glimlachende, vergevingsgezinde en nooit om een kwinkslag verlegen oude man, die ook ernstig kan zijn en spreken over de dood en de steeds zo nabije God van Jezus. Hij is zijn taak als pastor blijven vervullen tot het werkelijk niet meer ging.

Op zondag 6 april 2014 heeft Paul nog zijn diamanten priesterjubileum kunnen vieren met een mooie eucharistieviering in de zaal Familie te Deurne, omringd door familie, confraters en vele vrienden. En al wat de mensen wilden storten was voor Burkina Faso…

  De Verrijzenisliturgie zal plaatsvinden in de parochiekerk St-Rochus (St-Rochusstraat 79 – 2100 Deurne) op dinsdag 22 juli 2014 om 10 uur. Gelegenheid tot groeten vanaf 9.40 uur.
De teraardebestelling geschiedt op de begraafplaats van Borsbeek.
Voor concelebratie brengt men albe en witte stool mee.
 

De koffie wordt aangeboden in de zaal Familia, niet ver van de kerk. De kerk en de zaal liggen in een blauwe zone. Gelieve de parkeerschijf te plaatsen (Parking: Holthofplein, op 300 meter).

 
Jef Vleugels           
 

Homepagina | Contact | Overzicht van de site | | Statistieken van de site | Bezoekers : 583 / 602645

De activiteit van de site opvolgen nl  De activiteit van de site opvolgen Onze overledenen   ?    |    titre sites syndiques OPML   ?

Site gebouwd met SPIP 3.0.21 + AHUNTSIC

Creative Commons License