missionarissen van afrika
missionnaires d’afrique

L A V I G E R I E . be
Algerije

“Ontmoeting en Ontwikkeling”
Comité van de Gelovigen van de Diensten in Algerije (CCSA)

zaterdag 29 november 2014 door D.F. (Vertaling), Webmaster

“Ontmoeting en Ontwikkeling” (CCSA) is werkzaam voor de migranten in Algerije die komen uit het gebied ten zuiden van de Sahara en die op zoek zijn naar een beter leven. Deze worden de laatste tien jaar voortdurend talrijker om naar Algerije te komen. In zover dat Jan Heuft en zijn ploeg sinds 2001 de migranten bijstaan voor een vrijwillige terugkeer naar hun land van herkomst, wanneer die droom moeilijk lijkt of zelfs onmogelijk te realiseren is.

Het is een zonnige donderdagmorgen. Gezeten op een stoeltje, in de enge lokalen van CCSA, gelegen in een straatje dicht bij de 1 Mei plaats, leest Jan Heuft rustig zijn krant in afwachting van de eerste migranten. Leraar voor doofstommen en nu op rust, heeft deze Nederlander, met zijn blozend gezicht en zijn zachte blik, de teugels in handen genomen van deze interconfessionele dienst in 2001. Tegenover hem, achter de plank die dienst doet als bureel, vinden we Sihem Lagha, een vroegere boekhoudster en nu sinds 6 jaar werkzaam in deze dienst voor sociale bijstand, die de dossiers ordent.

Met vier andere leden en twee religieuze zusters, houden Jan en Sihem deze humanitaire dienst in stand die de migranten bijstaat bij hun komst in Algerije. Gekomen uit Congo, Ivoorkust, Mali of Kameroen, worden de kandidaten voor de immigratie voortdurend talrijker. “Vandaag telt men bij de 3.000 migranten in Algiers, hetzelfde aantal in Oran, 5.000 in Tamanrasset, 1.500 te Adrar”, zo detailleert Jan Heuft. “Het zijn in het algemeen jongeren tussen de 18 en 25 jaar, gediplomeerden, die de instabiliteit van hun land ontvluchten,” zo gaat religieuze broeder verder die zich ingezet heeft in het sociale domein.

Dat is het geval van Moussa* en Abdoulaye*, twee jongeren uit Mali, die vanmorgen gekomen zijn om goede raad te krijgen van Pater Jan. Blik in het ledige en schuchtere stemmen, hebben beiden het moeilijk om hun verleden op te roepen. “We hebben Mali verlaten want de situatie was er niet langer mogelijk. Ik heb mijn ouders onlangs verloren,” mompelt Moussa, terwijl hij vaag naar de muur kijkt. “Een kennis had ons beloofd ons te helpen, ons werk en een verblijf te vinden eens we hier aangekomen waren.” Maar eens in Algiers na een lange rit met de bus en in een vrachtwagen, voelen de twee vrienden aan zichzelf overgelaten. “We zijn op een avond om 22 u. aangekomen. Het was al laat en geen enkele slaapplaats heeft ons willen ontvangen. We hebben dan maar buiten moeten slapen. Maar er zijn mannen die ons overvallen hebben. Ze hebben alles gestolen, mijn rugzak, al het geld dat we meegenomen hadden” zegt Abdoulaye met spijt. “Aan mij hebben ze al mijn papieren afgenomen. Het enige document dat ik kon houden was mijn baccalaureaat,” vertelt Moussa, ontgoocheld. In wanhoop hebben de twee jonge mannen zich dan naar “Ontmoeting en Ontwikkeling” gekeerd.

Een beschermende plaats voor de migranten

Voortgekomen uit de Hervormde Kerk van Frankrijk, werd CCZA gesticht in 1957. “Als de stichting van deze dienst eerst de Algerijnse immigranten in Frankrijk heeft geholpen die verplicht werden naar hun land terug te keren, en later de soldaten die recht op een pensioen hadden, en vandaag de Algerijnse migranten die trachten de Middellandse zee over te steken.” Maar met de toevloed van migranten uit het Zuiden van de Sahara, hebben de zendingen van “Ontmoeting en Ontwikkeling” zich nog breder uitgebreid. “Vroeger was het gemakkelijk hier een kleine job te vinden, maar dat is veel moeilijker vandaag.” Zo getuigt Jan Heuft. Vandaag bestaat één van de activiteiten van “Ontmoeting en Ontwikkeling” erin de Afrikaanse migranten te helpen bij hun administratieve stappen, bij hun zoeken naar een onderkomen en een werk, de zorgen, en zelfs de beroepsvorming.

“Pater Jan heeft gezegd dat hij ons zou helpen om een vorming te vinden” zegt Moussa met een glimlach. Wanneer men hem om zijn voorkeur vraagt, antwoordt de jonge man dat hij graag in het hotelwezen zou werken. “Of de marketing. Dat is het wat goed gaat in Mali.” Want de twee vrienden hopen terug te keren naar hun land, van zodra de situatie er wat beter zal zijn.

Gekleed met een grijze overjas versierd met de kentekens van Ferrari, wiegelt Arnaud* van ongeduld op zijn stoel in afwachting dat men met hem bezig is. Gekomen voor een voorschrift, vertelt hij dat ook hij graag naar huis zou terugkeren. Deze man uit Ivoorkust, met grijze krulletjes, is de instabiliteit van zijn land in 2010 ontvlucht naar Lybië, waar hij 4 jaar blijft. “Maar de toestand werd verschrikkelijk in Tripoli, ik heb de dood in de ogen gekeken.” Hij vertelt over zijn overhaast vertrek met de Bedoeïenen langs de stad Ghadhames. “Gedaan de Arabische landen, ik keer terug naar Ivoorkust.”

“Sinds het begin van de jaren 2000, is er een groei van het aantal migranten uit het zuiden van de Sahara geweest als gevolg van de Schengen akkoorden en de talrijke conflicten die het Afrikaans territorium verscheuren”. Zo stelt Jan Heuft vast. “Maar, eens ze hier aangekomen zijn, geven sommigen zich rekenschap dat de situatie hier niet zo goed is als zij gehoopt hadden. Anderen trachten de grens met Marokko over te steken maar komen er niet toe, en blijven dus in Algerije geblokkeerd. Nog anderen wensen terug naar huis te keren van zodra de situatie in hun land van herkomst was rustiger is.”

Hulp voor een vrijwillige terugkeer

Vandaar de nieuwe zending die “Ontmoeting en Ontwikkeling” zich toegewezen heeft : de hulp voor een vrijwillige terugkeer van de migranten naar hun land van herkomst. “Er werd een netwerk gesticht van de vrijwillige terugkeer langs de weg sinds 2001,” zo legt Jan Heuft uit. “Met de volgende etappes : Oran – Algiers – Ghardaïa – Adrar – Tamanrasset – Gao – Bamako – Arlit – Niamey – Zinder – Cotonou.

Het eerste jaar, heeft “Ontmoeting en Ontwikkeling” aan 45 toegelaten terug naar huis te gaan. Nu het systeem al wat meer gesmeerd loopt, hebben 164 migranten hiervan kunnen profiteren sinds 1 januari 2014. “Die terugkeringen zijn definitieve terugkeringen, geen sprake van nog eens naar Algerije terug te komen !” zo preciseert Jan Heuft. “Op elk punt van doortocht, ontvangt de migrant een ticket om verder te reizen. Dat laat ons toe te controleren of hij wel degelijk terugkeert naar huis,” zo zegt hij.

“Elk jaar, helpen we meer en meer personen voor een vrijwillige terugkeer. We zouden er graag nog meer doen, maar daarvoor beschikken we niet over de nodige financiële middelen,” voegt Sihem eraan toe. CCSA leeft zuinigjes verder dankzij de steun van de CCFD van Parijs, van de ambassades van Nederland, van Frankrijk, en verder van de giften van de gelovigen van de Kerk waarmee er nog altijd banden onderhouden worden. Maar deze kleine structuur telt elke cent. “Vandaag zijn we hier, maar we weten niet waarmee morgen zal gemaakt worden, en het is moeilijk dat uit te leggen aan de migranten die we helpen”, vertrouwt Sihem Lagha ons toe.

  Door Agnès Nabat
27 november, Algérie Focus

* De gebruikte voornamen werden veranderd


Homepagina | Contact | Overzicht van de site | | Statistieken van de site | Bezoekers : 361 / 602633

De activiteit van de site opvolgen nl  De activiteit van de site opvolgen Afrika  De activiteit van de site opvolgen Algerië   ?    |    titre sites syndiques OPML   ?

Site gebouwd met SPIP 3.0.21 + AHUNTSIC

Creative Commons License