missionarissen van afrika
missionnaires d’afrique

L A V I G E R I E . be
Hartslagen van de CCBF

Geloven in Christus

Joseph Moingt, s.j.
donderdag 8 november 2018 door D.F. (Vertaling), Webmaster

Gesteld aan een gelovige christen, bovendien theoloog, verwacht de vraag : “Is Jezus een gewone profeet ?” duidelijk een negatief antwoord. Ik denk niet dat ge van mij verwacht, in de korte tijd van een tussenkomst, noch een historisch onderzoek over Jezus in de evangelies, noch een dogmatische uiteenzetting over de goddelijke identiteit die de Kerk hem erkent.

Terwijl ik tracht nadrukkelijk te formuleren wat onder de vraag verstaan wordt, neem ik haar in deze betekenis : alhoewel Jezus, begrepen op het vlak van de geschiedenis, alleen maar een profeet lijkt te zijn, wat is er dat u doet geloven dat Hij meer en iets anders was dan dat ? Ik zal het nodig vinden het onderliggende dat ik zopas geformuleerd heb te nuanceren, maar ik aanvaard het grotendeels : zeggen dat Jezus meer was dan een profeet hangt niet af van een geschiedkundig oordeel, maar van het geloof. Mijn overdenking gaat zich dus concentreren op de akte van te geloven, omdat deze een personage betreft die noodzakelijk in de geschiedenis gesitueerd is, maar die oneindig overtreft wat het historisch onderzoek toelaat erover te zeggen.

Ik ga te werk gaan door de volgende vragen aan elkaar te knopen :

  1. Ik zal eerst uiteenzetten waarom de courante theologische uitleggingen me niet voldoen.
  2. Ik zal vervolgens het verschil onderzoeken tussen geloven in God en geloven in Christus.
  3. Daarna zal ik de historische figuur van Jezus opzoeken, deze van een profeet misschien, eerder deze van een raadselachtig personage.
  4. Ik zal trachten te zeggen hoe het geloof dit raadsel doorbreekt en waarin het geloof in Christus Zoon van God de akte van te geloven in God verandert.
  5. Tenslotte zal ik onderzoeken wat, in onze tijden van veralgemeend ongeloof, de akte van te geloven betekent onder de modaliteit van een willen-geloven.

 Heeft het geloof er nood aan zich uit te leggen ?

De courante katholieke theologie ontslaat er zich schijnbaar van de vragen te stellen die ik ga oproepen. Het geloof is geen weten, zo zegt zij, en zij hoeft dus niet te antwoorden ‘op de vragen van het type : van waaruit weet gij dat Jezus Zoon van God is, hebt ge dat onderzocht en getoetst ? Het geloof bestaat er niet in te “geloven dat…”, maar in te “geloven in” : het is een akte van vertrouwen in de persoon van God, van Christus, een engagement genomen tegenover Hem, dat legt zich evenmin uit als de sympathie die iemand u inspireert. Overigens, het geloof hangt niet af van ons : het is een gave van God, een genade, een licht, een kracht : de genade verlicht wat zij inspireert te geloven, wanneer wij de Schrift lezen of wanneer wij het geloof van de Kerk ondervragen, en geeft ons de zekerheid ermee in te stemmen in alle Waarheid en oprechtheid.

Ik tracht niet deze uitleggingen nog meer te verfijnen die de theologie ons levert over de akte van geloof. Deze zijn niet vals, ik heb deze zelf meer dan eens gehouden, maar zij zijn niet bevredigend, zij lijken op ontsnappingen : we slagen er niet in rede te geven van ons geloof, misschien niet aan onszelf, en wij vluchten weg in het mysterie van de gaven Gods.

Deze uitleggingen zijn vooral gebrekkig en onvolwaardig in het geval van de Christus. Het is niet juist te zeggen dat ons geloof in Christus niet berust op een weten, niet helemaal noch op een beslissende wijze weliswaar, maar toch ernstig : we hebben verhalen die vertellen wat hij gedaan heeft, wat hem is overkomen, die zijn woorden weergeven, die hem tot een zekere figuur vormen. De daad van geloven in Christus is niet ongedeerd van dit historisch weten. Het is eveneens niet waar dat het “geloven in” helemaal abstractie maakt van een “geloven dat”. Zegt het evangelie van Johannes ons niet dat het geschreven werd “opdat ge zou geloven dat Jezus de Christus is, de Zoon van God” ? Het geloof in Christus zou ledig zijn van betekenis als die naam van Christus ledig was van inhoud.

Het is niet voor niets, overigens, dat wij zeggen “geloven in Christus” eerder dan in “Jezus” : een naam van een persoon heeft geen betekenis, een toegekende naam heeft er wel een. Als wij zeggen : “Ik geloof in Jezus Christus”, dan bevestigen we Jezus te erkennen als gezondene van God, en zo betekenen we meteen waarom we in Hem ons vertrouwen stellen en waarom we ons engageren in zijn gevolg. En verder nog, zien we niet dat Jezus aan zijn leerlingen hun “gebrek aan verstand” verwijt, en hen verwijst naar de Schriften opdat zij zouden begrijpen dat deze van hem zeggen : hij nodigde hen uit te verifiëren dat wat hij hun gezegd had en wat hun gebeurd was in het licht van de Schriften, hij stelde hun de geschiedenis aan zijn zijde voor als stof ter overweging die hen moest leiden naar het geloof. De evangelies verhalen de geschiedenis van Jezus met deze intentie. Dat deze niet zouden overeenstemmen met onze historiografische kerkelijke regels verandert niets aan de zaak : wat gezien wordt als wat zich heeft afgespeeld op het vlak van de geschiedenis van Jezus wordt ons voorgesteld als de steun van ons geloof door de bemiddeling van een nadenken over de heilsgeschiedenis verhaald in de Schrift.

Wat betreft het zeggen dat het geloof gave van God is, dat zal ik zeker niet betwisten, maar waarom verwijt Jezus dan zo dikwijls en zo heftig aan zijn toehoorders hun gebrek aan geloof ? Wij kunnen de akte van geloof niet helemaal vrijstellen van een subjectieve verstandhouding die we toekennen of weigeren met de roep om te geloven. Ik zal hier in dit verband het probleem van de predestinatie of de voorbestemming niet ophalen.

Terwijl we aan God de zorg laten de harten te peilen, zullen we nooit aan iemand zeggen dat hij schuldig is van niet te geloven, maar wij zullen evenmin ooit laten horen dat het geloof uit de hemel is gevallen en ons overmeesterd heeft zonder dat we er voor iets tussenzitten. Wij weten goed uit ervaring de inspanningen die wij moeten leveren om het geloof te bewaren ; des te meer kan men het geloof niet verwerven zonder een inspanning van het verstand en van de wil, en de genade is de impuls die deze inspanning ontketent en ondersteunt.


Homepagina | Contact | Overzicht van de site | | Statistieken van de site | Bezoekers : 13 / 758016

De activiteit van de site opvolgen nl  De activiteit van de site opvolgen België  De activiteit van de site opvolgen Hedendaags geloof   ?    |    titre sites syndiques OPML   ?

Site gebouwd met SPIP 3.0.26 + AHUNTSIC

Creative Commons License